Elke ochtend start ik met het lezen van de NOSapp, wat is het toch een zooitje op deze aardbol. Ik snap er niets van en het maakt mij droef. Ik besluit de komende dagen even het nieuws niet meer te volgen en te gaan genieten van de natuur om mij heen.
Iedere dag proberen we weer één of meer klussen te klaren, hoe is het dan mogelijk dat er elke dag weer klussen bij komen? Oh ja…ik zou mij focussen op de natuur in plaats van mij bezig te houden met het kampioenschap ‘omgaan met tegenslag’.
We liggen inmiddels in de prachtige ronde baai van Portobello. Het is een baai met een zeer rijke geschiedenis. Aan beide zijden zijn ruïnes van oude vestingmuren te zien. Ook hier zitten de Purperzwaluwtjes met hun glimmende vachtjes weer gezellig naast elkaar over en weer te kwetteren op onze reling. Hihi, waar zouden hun kwebbeltjes over gaan? Rondom onze ankerplek liggen scheepwrakken waar vele Pelikanen, de Roetsternen, Aalscholvers en jonge meeuwen dankbaar gebruik van maken. In de middag vliegen er drie witte Ibissen over, met hun vuurrode kop, met hun 15 cm lange dunne kromme rode snavel en spierwitte lijf is het een prachtig gezicht.
Elke dag maken we een praatje met local Francesco, een Italiaanse gids met een klein restaurantje voorzien van een dinghy dock voor de zeilers. Hij tipt ons om met onze dinghy de Rio Cascaja op te varen, het is een smalle kronkelende rivier met aan de randen mangroven en tropisch woud. Och wat is het hier mooi, ik ben er stil van.
We spotten een Schuitbekreiger met zijn opvallende brede platte lila snavel en een grappig kuifje, een grote Zilverreiger, de kleine Zilverreiger met zijn felgele pootjes, blauwgroene Kolobrietjes in de prikkelbosjes, Zwartkopgieren hoog in de bomen en een Suikerdiefje op een paaltje. Overal hangen Cannonballs, een boom met grote bruine ronde vruchten ter grote van een kleine bowlingbal, je zou zo een ding op je kop krijgen. Een Purperreiger vliegt de gehele tocht voor ons uit, zelfs op de terugweg.
We schuilen in de dinghy voor een plensbui onder een Mahonieboom, wat een beauty met zijn laaghangende takken en gigantische grote bruine vruchten. Het is weer droog en we varen verder. We horen een Jaguar grommen in de bosjes. Francesco had ons al geattendeerd dat als we gegrom hoorden, dit een Jaguar zou zijn. We spotten twee kleine oogjes op het wateroppervlak, we vermoeden dat het Brilkaaiman is, brrr…
We zien geregeld grote ‘velden’ met zwarte ‘schaatsenrijdertjes’ rondom de dinghy. En we worden een aantal keer getrakteerd op een ware watershow aan ‘fontijnen’ van opspringende kleine visjes die achterna gezeten worden door grote witte vissen. Omringd met alle oerwoudgeluiden, vogelfluitjes en de prachtige groene berglandschappen wanen we ons midden in onze eigen natuurdocumentaire.
De volgende dag spotten we twee ZwavelborstToekans van heel dichtbij. Ik ben helemaal hyper, zooo gaaf. Ik hoopte ze altijd nog eens te kunnen bewonderen en nu zie ik ze van zo dichtbij. Wat een kleurenpracht! ‘S middags vertel ik trots aan Francesco dat ik twee ZwavelborstToekans van dichtbij heb gezien. Hij vertelt dat het een vrij algemene vogel is in Panama. ‘Als je er één voorbij ziet vliegen, blijf dan altijd even kijken. Ze zijn vaak met z’n tweeën. De eerste vliegt naar de volgende boom en de ander volgt. Dan vliegt de eerste weer naar de volgende boom en volgt de tweede weer’. Grappig, al die weetjes van deze man.
Als we Francesco weer spreken loodst hij ons mee achter zijn huisje waar het tropische woud begint en wijst hij naar de top van een boom. ‘Elke keer als jullie naar het centrum lopen, kijk dan even naar de top van de Trumpet Tree. De boom valt meteen op door zijn wittige bast met opvallend weinig bladeren. Francesco legt uit dat er al generaties lang luiaarden in deze boom leven.
Als we op een ander moment vertellen dat we de luiaard nog niet hebben gespot, kijkt Francesco verbaasd: “Vreemd, vanochtend zat de zoon er nog. Dan vertelt de Italiaanse Panamees met veel enthousiasme en armbewegingen dat door het eten van de bladeren van de Trompetboom de luiaarden iets sneller en soepeler zouden kunnen bewegen. Haha, onze Italiaan weet het met veel bombarie mooi te brengen, maar later lees ik op internet dat de locals in de traditionele geneeskunde inderdaad de zaden uit de peulvruchten, de jonge bladeren en de binnenkant van de bast gebruiken voor diverse toepassingen. Zo zouden de jonge bladeren gebruikt worden tegen reumatische aandoeningen.
We hebben een gezellige avond met 2 andere Duitse boten in Francesco’s restaurantje met zijn lieve hond Italy. Als we hem vertellen dat we morgen vertrekken en we in het donker met de dinghy terug varen naar ia, staat Francesco op zijn dinghy dock ons toe te toeteren, waarna hij ons met beide armen in de lucht uitbundig uitzwaait en we nog lang het Ciao Ciaooooohhh over het water horen galmen.