1/12
Bunkeren! Tja, hoe pakken we dat aan? 9x ontbijt, 9x lunch, 9x happy hour, 9x avondeten. Juul geeft een lijstje door, want zij wil ook koken en bananenbrood bakken. De Lidl is met de step te bereiken, dus Juul kan helaas niet mee. We vullen 2 winkelwagens vol. Het regent in Lanzarote, waardoor het lastig is een taxi te vinden. Een chauffeur met één been en een oud groot busje wil ons wel helpen. Op de terugreis vertelt hij zijn levensverhaal. Bij steiger E achter de Burger King helpt hij ons met uitpakken, we mogen niets betalen. Op de steiger maken we een ‘treintje’, want de vele bananendozen wil ik beslist niet aan boord, vanwege de vele kakkerlakken op Lanzarote. Grappig om te ervaren dat ik 2018 nog puzzelde waar ik alle boodschappen moest laten en ik nu in een rap tempo alles op z’n plek kan wegleggen.

2/12
Vertrek dag 1 om 13.00 uur. 28° 57′ N 013° 32′ W. Wind NO. SOG 5. Grootzeil 2 riffen Genua/Kotterfok. Geschatte aan NM naar Senegal, Dakar is 935 NM.

Vandaag gaan we vertrekken, op naar Senegal. De rechtstreekse afstand is 935 NM (Nautical Mile). Juul bevestigd het roerblad van de windvaan, hiervoor moet zij op het trappetje met haar benen in het water, gelukt. We gaan nog één keer lekker lang onder de douche en ontbijten bij Ronalds lievelingstentje Amelie. Ronald installeert de kotterfok en ik maak binnen de slingerbedjes klaar. Het is bewolkt en de wind voelt koud aan. We vertrekken rond 13.00 uur. We hebben een licht achterlijk windje, 15 tot 20 knopen. We starten met 2 riffen in het grootzeil en een volle genua.

Juul en ik starten goed, maar in de middag worden we katterig (beetje zeeziek). Ronald heeft zoals gewoonlijk nergens last van. Ons gezellige kwebbelkousje wordt stilletjes en trekt zich terug onder de buiskap. Na een uurtje overtuig ik haar op een plekje naast het stuurwiel te gaan zitten, met haar gezicht in de wind, een dekentje en droge soepstengeltje en dat helpt.

3/12
Dag 2: 26° 51′ N 014° 21′ W. Dagafstand 13.00 uur 140NM, Wind NO 13 knopen. SOG 6. Grootzeil 2 riffen, later 1 rif, Genua/ Gennaker.

Juul is gisteravond op tijd naar bed gegaan en heeft redelijk geslapen. ‘S avonds heeft zij samen met Ronald 2 uurtjes wacht gedraaid. Juul voelt zich beter, maar ik ben er nog lang niet, mijn maag speelt nog op en in de middag knalt mijn kop er af, zoo een hoofdpijn.

De wind is afgenomen en we hijsen de gennaker (100 vierkante meter gekleurd parachute stof). Later instaleren we de uitgeboomde gennaker als spi, we maken nu weer iets meer vaart.

Het is happy hour, de camembert stinkt een uur in de rondte in de koelkast, dus die moet als eerste op. We doen Qwixx en daarna leert Ronald Juul Backgammon. Opeens ziet Juul heel veel blauwe lucht hoog bij de gennaker. Ohhh nee hè… in de gennaker zit scheur van 3 meter lang. We kunnen niet ontdekken hoe de scheur is ontstaan. Vlug halen we de gennaker naar beneden. We plakken de gennaker op het voordek. Met knallende koppijn draag ik niet graag mijn sterke leesbril, maar ja, ik moet even doorzetten…want het begint al te schemeren, gelukt…nu de gennaker in de tas, alle schoten en lijnen van de boom liggen door elkaar…pfff…ik kan niet meer.

Ronald ziet een schildpad naast de boot zwemmen.

Terwijl Ronald en Juul samen gezellig kwebbelend in kombuis een maaltijd voorbereiden, kots ik in het toilet een emmertje vol, met een paracetamolzetpil duik ik mijn bed in.

‘S nachts om half 4 voel ik mij beter en neem ik de wacht van Juul over. Zo stoer, dat zij omdat ik mij rot voel haar eerste extra lange wacht heeft gedraaid.

4/12
Dag 3: 25° 09′ N 015° 39′ W. Dagafstand 13.00 uur 124 NM, Wind NO 14 knopen, SOG 5/6 Grootzeil 2 riffen, later 1 rif, Genua/ Gennaker.

Om 13.00 neem ik een groentesoepje en uit het niets voel ik mij weer kiplekker.

Ik zie een klein bont stormvogeltje, er zijn tot nu toe maar weinig zeevogels te zien. Later zien we 1 enkele jonge stormvogel.

Ronald loopt wacht en ik slaap in mijn slingerbed. Opeens hoor ik Ronald in de verte ‘Help’ roepen. Ik spring uit mijn bed, verstap mij op het trappetje, loop opnieuw omhoog en schiet de kuip in. Ronald wijst naar de vele rode, witte en groene lampjes om de boot. ‘We zitten in een visgebied’. Ronald schijnt met de verschijner op de vele visserstaken rondom ons en zegt: ‘Ik weet begod niet aan welke kant ik ze moet ronden?’ Ik tuur ook rond om ons heen. ‘Kijk daar is 1 enkel wit lampje, kun je daar naar toe sturen? We gokken het erop, pfff…gelukt. We zijn uit het visgebied en ik duik weer mijn mandje in.

Het is de beurt van Juul om wacht te lopen. Ik geef de laatste instructies aan haar door. Wat een heerlijkheid, dat we nu we met z’n 3en wacht lopen. We kunnen nu wel 2×3 uur slapen. Zo trots op Juul, ze doet het fantastisch. Onze ketelbinkie is niet alleen stoer en lief, maar ook zeer daadkrachtig, behulpzaam en leergierig. En ze heeft dezelfde humor, waardoor we bij een simpel overleg over de wachttijden de grootste lol hebben.

Ronald had thuis een nieuw systeem bedacht voor de overloop en in Arrecife de ‘German Sheeting’ gemonteerd. Het oude systeem was zeer onhandig, je had er veel kracht voor nodig, de katrollen sloegen bij ruime wind hard op het dek en je liep ook nog eens het risico dat je vingers er tussen kwamen. Het nieuwe systeem werkt fantastisch, echt een enorme verbetering. Eén katrol heeft echter al een miniscuul klein gaatje in het polyester getikt, hier plak ik een rood ducktape-hartje op.

5/12
Dag 4: 23° 22′ N 016° 58′ W. Dagafstand 13.00 uur 137 NM, Wind NO 14/22 knopen, SOG 5/7 Grootzeil 2 riffen, later 1 rif, Genua/Kotterfok.

Ik hoor naast de boot gesnuif en zie één grote grijze vin. Ik roep naar binnen: ‘dolfijnen!’ Juul springt uit haar bed en kijkt teleurgesteld als ik aangeef dat ik ze niet meer zie. Opeens zien we weer de vin en weg is het weer. Gek, dolfijnen komen meestal in een groep. Opeens horen we Ronald roepen: ‘ Wat een joekel, het is geen dolfijn, maar een walvis van zeker 6 meter lang aan stuurboord. Jammer dat ik ‘m niet kon zien.

Er vliegen een aantal jonge donkerbruine stormvogels en volwassen spierwitte Jan van Genten rond de boot. Er moet hier dus wel vis zitten. We liggen op de grens van ondiep (100 meter) naar een zeer diepe zee (rond de 2100 meter). Ronald gooit zijn hengel uit. Een jonge stormvogel pikt de loer uit het water. Ronald stopt even met vissen, want we willen geen vogel aan de haak.

Vandaag gaan we allemaal onder de douche, slechts 2 minuten, maar zooo ontzettend lekker.

Elke dag motoren we een krap half uurtje op 1200 toeren, zodat we de Starlink en de watermaker kunnen aanzetten. We beeldbellen even met KieNteam Sneek, zij vieren 5 december.

We gaan goed, een gemiddelde van 6 knopen snelheid en varen al een tijdje voor de kust van de Westelijke Sahara. Dagafstand dag 3 om 13.00 uur is 136 NM. We varen ‘Melkmeisje’, grootzeil en genua aan de andere kant uitgeboomd. We hebben vandaag al een paar keer moeten gijpen, best een gedoe met die zware 6 meterlange boom. Juul wil het ook een keer uitproberen, best een grappig gezicht, zelf klein van lengte, maar zeer dapper staat zij haar mannetje met die lange boom op het voordek.

Wauw, we hebben beet, het is een joekel van een vis, helaas blijft ie niet aan de haak zitten. Even later telt Juul voor de grap af 10, 9, 8, 7…éénnnnn… opeens gaat de ratel te keer…we hebben beettt! We kijken elkaar verbaasd aan en schieten in de lach. Ook deze keer vliegt ie van de haak, helaas. Hopelijk is het 3x scheepsrecht, want ik heb wel trek in een vers visje.

Happy hour, tijd voor potje Qwixx. Opeens schiet Juul naar binnen en komt met een cadeau in Sintpapier, een tekening met “ia midden op zee’ en een brief, naar boven. Triomfantelijk zegt ze dat Sinterklaas is geweest. Ik lees onze brief hardop voor, wat een lieve woorden. In het platte doosje zit niet een chocoladeletter, maar een prachtig houten bootje met 3 kleine poppetjes er op. Ronald en ik zijn er stil van. We spreken naar elkaar uit hoe fijn we het met z’n 3en hebben.

De ratel gaat weer, dit keer halen we een mooie grootoog-tonijn binnen. Jammie! We zijn nog altijd niet echt handig met het fileren, maar ‘s avonds smullen wel van een heerlijk maaltje. Wat een prachtige dag.

Ronald loopt wacht en roept ons wakker. Dolfijnen combi zeevonk, partytime!!!! Onze ogen moeten eerst even wennen aan het donker, maar dan zien we de meterslange fluorgroene banen schitterend scheren door de pikzwarte golven. We zijn in een Harry Potterfilm beland. Zo gaafffff!

6/12
Dag 5: 21° 19′ N 017° 51′ W. Dagafstand 13.00 uur 136 NM, Wind NO 14 knopen, SOG 5.5. Grootzeil soms 2 riffen, Kotterfok/Genua uitgeboomd te loevert.

Juul loopt wacht en komt naast mijn slingerbed in de salon staan: ‘Lies, het gaat niet goed met Ronald’. Ik schiet naar achter naar de hut, waar hij ligt. Ronald krijst het uit van de pijn, zijn hele middenrif is verkrampt. Ik begeleid hem uit bed en hij gaat zitten met zijn beide armen hoog en zijn ogen groot van angst. Iedere minuscule beweging in zijn bovenlijf doet pijn. Ronald gilt het uit. Hij geeft aan dat het geen hartkwaal is, pfff gelukkig. Na 3 paracetamols en rustig zitten geeft hij aan dat het iets beter gaat. Tussendoor loop ik naar Juul om haar gerust te stellen. Wat een topper, ze houdt ondertussen buiten de boel in de gaten en meldt tussendoor ook dat ze even gaat gijpen, haha, laat dat grietje maar schuiven. Na drie kwartier zit Ronald weer buiten, het lijkt inderdaad beter te gaan. Pfff…ik was best wel geschrokken.

Ronald wil wacht lopen, want slapen gaat nu volgens hem toch niet. Juul en ik gaan naar bed, ik zet mijn wekker omdat ik Ronald een spiegel met paracetamol wil laten opbouwen. Om 4 uur neem ik zijn wacht over. Zo stijf als een oude man stapt hij in het slingerbed, ik wil niet dat hij achter in de hut gaat slapen, zo kan ik hem een beetje in de gaten houden.

Ik loop wacht van 4 uur tot 9 uur, zodat Ronald en Juul lekker kunnen blijven slapen. Als Ronald op staat geeft hij aan dat het weer goed met hem gaat. Pfff…ik ben zo opgelucht.

Om 13.00 start dag 5, we zijn over de helft en hebben een dagafstand gevaren van 136 NM, niet gek. Vannacht stond er geregeld 22 knopen wind en kwamen de golven hoog van achteren aanrollen, ia wipte met haar kontje omhoog en liet de joekels van rollers met gemak onder haar romp doorglijden. Nog altijd zo blij met ia.

In verte geven Tuimelaars een dolfijnenshow, wauwie, ze maken hoog in de lucht de ene pirouette na de ander. Ik hoor mijzelf bij ieder sprong joelen van enthousiasme. Ze komen helaas maar kort even langszij.

We zeilen inmiddels voor de kust van Mauritania. ‘S middags neemt de wind weer af en halen we de riffen uit het grootzeil en zetten we de genua te loevert, zeilstand Melkmeisje.

‘S avonds krijgen opnieuw een ‘zeevonk met dolfijnen disco show’. Maar nu een compleet andere beleving, namelijk een pikzwarte zee met daarin wel 30 oplichtende rondjes die om ste beurt oplichten, met honderden minuscule kleine fluorescerende opspattende luchtbelletjes. Zooooo fantatileusbombarie gaaffff. Tja, je moet erbij zijn om te zien hoe extreem bijzondere ervaring het is. Kijk, voor dit soort momenten doe je het nou. Echt jammer dat het letterlijk niet te filmen is, want ik zou het zo graag met een ieder willen delen.

7/12
Dag 6: 19° 14′ N 017° 53′ W. Dagafstand 13.00 uur 124 NM, Wind NO 8 knopen, SOG 5 Grootzeil en Genua, uitgeboomd te loevert. Laat in de middag de Gennaker, in de avond de Spi.

Het is 3.00 uur en mijn wacht start, ik kan lastig wakker worden. Ronald blijft even bij mij in de kuip, de wind doet raar, mogelijk moeten we gijpen en dan moet ook de boom naar de andere kant verplaatst worden. Tja, toch maar even samen doen. We gaan goed, mogelijk komen we zaterdagnacht aan. Dan zullen we langzamer moeten gaan varen, zodat we zondagochtend bij licht aankomen.

Er nadert een vrachtschip van 200 meter uit Liberia, ik zet de AIS aan. Ronald heeft een knopje gemaakt om makkelijk de AIS aan en uit te zetten. Het is ons niet bekend dat er sprake is van piraterij voor de kust van West Afrika, maar het is een kleine moeite om goed onze omgeving en het scherm in de gaten te houden en ‘m af en toe even aan te zetten bij een naderend vrachtschip.

Dit keer geen dolfijnen, maar mogelijk tonijnen die kronkelende lijnen van fluorspoortjes van zeevonk trekken in de zwarte golven. Je raakt er niet op uitgekeken, een levend schilderij. Helaas is het elke nacht licht bewolkt, waardoor we nog niet een echte stralende sterrenhemel hebben meegemaakt. Dit is de mogelijke reden, waardoor de zeevonk deze week zo goed te zien is. Dit keer worden we dus iedere avond getrakteerd op flonkerende lichtgroene sterren in de zee, wat een cadeau.

Ronald ziet tijdens zijn wacht dat de dolfijnen zelf volledig verlicht worden door de zeevonk, een magisch moment.

Pfff…de wind draait tijdens mijn wacht alweer en ik wil Ronald zo graag lekker laten slapen. Maar nu we over 20 minuten ook nog op ramkoers liggen met een vrachtschip van 300 meter uit Barbados…300 meter????, die schepen worden alsmaar groter…maak ik Ronald toch maar wakker, want met een uitgeboomde genua, kun je minder goed manoeuvreren. Altijd fijn als Kappie zegt: ‘Echt goed dat je me wakker hebt gemaakt’. Samen lossen we het op en hij kan zijn mandje weer in.

Ik word wakker met de heerlijke geur van versgebakken bananenbrood. Juul heeft tijdens haar ochtendwacht, terwijl wij nog lagen te slapen haar bakkwaliteiten uitgeprobeerd, dat wordt smullen.

Starlink is nog niet in alle gebieden onbeperkt bereikbaar, dat betekent dat we voor de kust van West Afrika, wel kunnen WhatsAppen en beeldbellen, maar niet gewoon kunnen telefoneren. Op de site van de Kustwacht, staat alleen een gewoon telefoonnummer. Op internet zie ik dat de Kustwacht in de Carieb wel een 06nummer heeft, dus doe ik een test en WhatsApp ik met The Dutch Caribbean Coast Guard die 24/7 bereikbaar is. Ze reageren meteen, superhandig.

Op het voordek kijken we met z’n 3tjes naar een prachtige zonsondergang. Er staat weinig wind. We hijsen de gennaker en de tape op de scheur houdt het goed. Vandaag 2 Portugese oorlogsschepen (staatkwal) en vliegende vissen gespot. 

8/12
Dag 7: 17° 03′ N 017° 56′ W. Dagafstand 13.00 uur 135 NM, Wind NO 14/19 knopen, SOG 5.5-7 Grootzeil (0/2 riffen) Genua/ Kotterfok soms te loevert.

De ochtend start met een vliegende vis op het dek. Zilverkleurige schubbetjes plakken tegen het boeisel op. Ik red het beestje, maar het is de vraag of het blijft leven.

De TTG op Open CPN is nog maar 1 dag, dat zou betekenen dat we om 13.00 uur aankomen. Het is een stralende dag met geen wolkje aan de lucht. Het is aanzienlijk warmer vandaag.

Ik maak wentelteefjes van het oude krentenbrood, smullen. Na de lunch
maak ik een filmpje voor Jinte, ‘Spriet en de kerstboom’ en verstuur het via WhatsApp.

9/12
Dag 8: 14° 45′ N 017° 34′ W. Dagafstand 13.00 uur 135 NM, Wind NO 14/19 knopen, SOG 5.5-7 Grootzeil ( soms een rif) en Genua

Ik zitlig in de kuip met mijn gezicht richting de mooiste sterrenhemel ooit. Een warme wind streelt mijn wangen. Ik fantaseer hoe het in Dakar zal zijn? De zie de ene vallende ster na de andere. Morgen komen we aan, leukspannend, ik ben echt nieuwsgierig. Ik bewonder de goudgele maanopkomst, de flinterdunne sikkel staat als een bakje aan de hemel. Heel langzaam vindt het zijn weg omhoog. We kennen geen andere zeilboten die naar Dakar zijn afgereisd, we hebben er ook weinig over kunnen lezen. Ik kruip even achter de kaartentafel en zoom de digitale kaart van open CPN in, er lijkt sprake van een ankerhaven? Is deze voor de vissers of de vrachtschepen? Is het bedoeling dat wij daar ook gaan liggen of verwachten ze dat we voor anker gaan in de volgende baai? We zullen het zien. Ik grijp een klein appeltje uit het wiegende net in de kombuis en vervolg het zwijmelen in de kuip. De zoete smaak van appel in mijn mond. De ketting van het hekanker tikt ritmisch mee met de golven. We zoeven door het water, de romp van ia maakt een slurpend geluid, het geluid van een SOG van ruim 6 knopen met een lage golfslag, heeeerrlijkk. De maan schijnt een baan van witte strepen op de zwarte licht golvende zee. Grappig…het lijkt een beetje op een gedeelte van echo-foto van een ongeboren baby. Ik voel mij moe worden, maar mijn wacht is nog lang niet voorbij. Om wakker te blijven zet ik een luisterboek op.

Een heerlijke zonnige dag, met soms 18 knopen wind, we tikken de SOG 7,5 knopen aan, lekkerrr. Ik probeer te tellen hoe lang de vliegende vissen boven water blijven, rond de 6 a 7 seconden.

Land in zicht. De horizon bestaat uit lage bebouwing, iets van een toren en een lage berg. Ik voel een kriebel, welk avontuur staat ons te wachten…

Eenmaal dicht bij de kust voelen we de temperatuur stijgen en ruiken we de lucht van Senegal. Er staan tegen verwachting in veel hoge flats in Dakar. Het is nog zeker 2 uur motorsailen naar de ankerplaats. Juul hijst de gele quarantainevlag, deze vlag betekent dat we nog niet zijn ingeklaard. Het is zaterdag, dus mogelijk zullen we dat pas maandag kunnen doen. We komen langs een groen bewoond eiland, deze zou ik de komende dagen wel willen bezoeken. Op de boeien zitten witborstaalscholvers.

We ontvangen het verdrietige bericht dat onze zeilvriend Carlos na een lang ziekbed is overleden. Ronald en ik zijn blij dat we vlak voor ons vertrek nog afscheid van hem hebben kunnen nemen.

In de ankerbaai liggen meer boten dan verwacht. Veel zeer grote schepen en 3 vertrekkersboten met het formaat van ons. We ruimen binnen en buiten op en proberen een taxiboot te bemachtigen. Dit lukt niet dus we blazen toch maar ons Rubbertje (dinghy) op. Op naar de kant, het gaat schemeren en we willen op zoek naar een restaurantje.

In het donker belanden we eerst op het strand, we dachten een pontoon te zien. Ronald en Juul gaan te water, ik roei, waarna we het motortje weer kunnen starten. Op de pontoon ontmoeten we een Frans gezin met 2 kinderen, ze zijn er al een week en hebben het naar hun zin in Senegal.

Een Senegalees wijst ons de weg op de minicamping/haven met keurige toiletten en douche. We proosten in de bar op een goede oversteek en eten daarna in heerlijk Frans restaurantje aan het strand met palmbomen. Aan tafel vallen mijn ogen bijna dicht, zoooo moe, ik wil naar bed.

10/12
Toen we gisteren nog op zee richting land voeren roken we meer een BBQlucht, in de baai is het meer een toiletlucht. Dezelfde lucht van urinesteen combi zoutwater als bij ons aan boord, maar dan veel sterker. Het is zeker geen lekkere lucht, maar het went, het hoort erbij. Ik moet nog moed verzamelen om de slangen van het toilet aan boord schoon te maken, een jaarlijkse klus van zeker een halve dag waar ik niet echt zin in heb.

Het strand bij de campinghaven is één grote vuilnisbelt, het water stinkt en is echt te vies om in te zwemmen. Op het strand steken jongetjes een fikkie en roosteren er een rood visje op.

De vrouwelijke bewaker van de campinghaven regelt een taxi. Hij brengt ons eerst naar een plek in het centrum om onze euro’s en dollars te wisselen, want er is geen ATM en de bank is op zondag dicht. In de taxi kijk ik mijn ogen uit, zoveel indrukken kan ik amper opslaan. Alle auto’s zijn oude roestbakken, karretjes met paarden, mannen die in nisjes liggen te slapen, mannen die samen een potje dammen of met een platte kruiwagen lopen. De verf is van alle huizen afgebladderd en overal ligt vuilnis en troep. Er zijn voornamelijk mannen op straat aanwezig.

De taxi heeft ons bij de pont afgezet, we willen naar het groene eiland ille de Gorrée, het eiland staat op de werelderfgoed van UNESCO. We worden niet toegelaten op de pont, hiervoor moeten we eerst onze paspoort tonen. Pfff…we zullen dus terug moeten met de taxi om de paspoorten op te halen.

Ille de Gorée is een klein eiland van 900 m bij 300 m groot. Van de 16e tot de 19e eeuw was het een van de centra voor de Trans-Atlantische slavenhandel. Nu is het een toeristische trekpleister met kleine winkelstraatjes, een Katholieke kerk, een Moskee, een basisschool met op het plein vele voetballende jongens, een internaat voor meisjes en veel restaurantjes. Ik geniet van alle kleurrijk geklede mensen, de één nog mooier dan de ander. Boven onze hoofden zweven zwarte Wouwen, wat een indrukwekkende beesten met hun vleugelspanwijdte van 150 cm breed.

We krijgen op een terras les van een eilandbewoner die ons het KesKesRitme leert met twee kleine kalebassen verbonden met een touwtje. In een klein restaurantje maken we een praatje met de eigenaar. Hij eet een kommetje zoete rijstepap en vraagt of wij ook een beetje uit zijn bakje willen proeven.

Ronald en ik hebben besloten tijdens de reis geen malariapillen te slikken. Wel hebben we 2 kuren Malarone mee, voor als we ziek raken. We vragen een bewoner van het eiland die Engels spreekt of het malarariatijd is. Nee, nu zijn er geen muggen. Er zijn wel muggen in de regentijd van juni tot september, door de klimaatverandering zijn de maanden ook iets veranderd. We hebben nu dus niet te vrezen.

De hele dag door ervaren we niets dan vriendelijkheid. Ronald laat zelfs per ongeluk zijn telefoon in de taxi en daarna in een restaurantje liggen en de mannen komen hem achterna rennen om zijn mobiel terug te geven.

Op de kade voor de pont staat een lange rij van ongeveer 75 mensen te wachten. Het duurt nog wel even voordat de pont arriveert, maar dat deert niet, een groepje Senegalezen begint te zingen en iedereen zingt gezellig de gospelsongs mee. Ik kan daar zo van genieten, in Nederland staan ze op zo een moment te zuchten en te puffen, dat het zo lang duurt.

11/12
Ronald had gisterenavond op de menukaart gekozen voor ‘spealité du chef’, nou dat hebben we geweten, midden in de nacht ging het mis. Morgenochtend maar het beddengoed wassen, lang leve de ossegalzeep.

Onder de pontoon liggen drie schattige puppyzwerfhonden, ohhhh zo lief, ik zou er zo één mee willen nemen. Het strand ligt vol met vuilnis, eigenlijk is het één grote vuilnisbelt. Naast het paadje naar de camping oefent een ruiter op het strand, uhhhh, tussen het vuilnis en de scheepswrakken is een ovaal gesitueerd, een soort van managebak.

Blog: Vandaag staat in het teken van het het inklaren, in Afrikaanse landen vaak een hele klus. Eerst bezoeken we de havenmeester, zij kopieert onze paspoorten en geeft ons een A4tje met de instructie: ‘eerst naar de politie, dan naar de douane, daarna terug naar de havenmeester en havengeld betalen’. Zo klaar als een klontje, althans…

Blog: We nemen de taxi naar het politiebureau waar wij ons melden. Opvallend is dat de bewoners van Senegal zoveel vriendelijker zijn dan het overheidspersoneel, echt 0,0 dienstbaar, eerder snauwerig en afstandelijk alsof we hen iets misdaan hebben. Er worden vele formulieren ingevuld door de agent en door ons. Daarna wordt van ons alle drie, onze 10 vingerafdrukken ingescand, inclusief een oogscan. Vervolgens moeten we wachten, het duurt zo lang, dat we onze taxichauffeur vragen ons naar de markt te brengen. We stappen uit en een man met een fez op geeft aan dat hij ons naar de markt wil brengen. Ik heb het gevoel dat we de verkeerde kant op lopen. Haha, de man heeft ons naar zijn winkel gebracht. Op naar de andere kant van de stad. De markt bestaat uit smalle vieze straatjes, waar je goed op moet letten dat je je niet verstapt in de gaten of tegen brokken steen. Iedere vierkante centimeter is bepakt met spullen, wat een chaos. We kopen er een gastenvlag van Senegal, deze hoor je te hijzen aan stuurboord.

Blog: Pfff…zo een markt is mij te druk, niet zo mijn ding. We gaan met de taxi opnieuw naar de politie, waar wij onze paspoorten terug ontvangen. Dan brengt de taxi ons naar supermarkt, want we willen vanavond BBQen. Water is in de aanbieding, dus we nemen 6 flessen mee nu we toch met de auto zijn.

Blog: Op naar de douane. We vragen of de taxichauffeur ons naar Port du Nord wil brengen, maar hij herkent het adres niet, vele mensen op straat worden geïnformeerd. En dan opeens weten een paar werklui aan de kant van de straat het. In het gebouw nemen we de lift naar boven en komen in een wachtruimte terecht. Het secretariaat kijkt verbaasd, hij herkent onze formulieren niet. Een grote brede man in Moslimkledij die in België heeft gewerkt wil ons wel helpen. We gaan deur 1 in, zij geven aan dat we naar hun chef moeten, maar ook de chef weet niet wat de bedoeling is, we zijn dus kennelijk bij de verkeerde douane terecht gekomen. We zijn er klaar mee, het is bijna 18.00 en we willen naar huis, morgen is er weer een dag. Weg uit die vieze stoffige stad.

‘S avonds BBQen we met mijn lievelings rode wijn Ribera del Duero.

12/12
Blog: ‘Wat is het plan voor vandaag?’ Ontbijten, koffie drinken en dan naar de havenmeester om te vragen waar de juiste adres is van de douane. Dit loopt anders…tijdens het ontbijt zien we een boot met 4 mannen in soldatenkledij. Nee hè, het is de douane. Twee mannen komen aan boord, ze kijken streng. We tonen onze papieren en Ronald vertelt in het Frans dat het ons gisteren niet gelukt is om het inklaren af te ronden. De sfeer slaat om, één douanier wordt boos op ons, we hebben volgens hem de hele maandag de tijd gehad. Hij geeft aan dat we in overtreding zijn. De tweede douanier spreekt een beetje Engels, ik leg het nogmaals aan hem uit, hij lijkt iets coulanter. Hij probeert de eerste man te overtuigen die met een boze stem blijft herhalen dat we ons niet aan de regels hebben gehouden. We moeten dokken…Ronald toont hier niets van te willen weten. Uit het niets lijkt het ‘spel’ opeens afgelopen, ‘we are good people’, Ronald beloofd dat we vandaag nog naar Port du Nord gaan. De boze man vraagt of Juul Ronald dochter is, Ronald antwoord met een knipoog: ‘Nee, ze is mijn 2e vrouw’. De mannen schateren het uit. Ronald kan niet meer stuk, ze zijn alle 4 diep onder de indruk en varen schaterlachend weg in hun rib.

Blog: Zo nu eerst koffie en dan op naar de havenmeester. De douane Port du Nord heeft geen adres, het is een zandpad. Het lukt de havenmeester niet het aan te wijzen op Google Earth. We krijgen één aanwijzing mee: bij het Orange Simkaartenhokje rechts, verder kunnen we de weg vragen. Uhhhh?? Wat moeten we hiermee? Een vriendeljk lachende man in de haven wil wel met ons mee lopen. We lopen langs een watersportwinkel? Niet echt passend in het straatbeeld. Overal ligt vuilnis en bij iedere stap die we zetten stuift het bruine stof op. Het pad is van mul zand, waar je slippers soms in wegzakken. We passeren een wegrestaurant (houten bankjes met open vuur waar de kinderen op de grond om heen spelen), een smid die met zijn knieën op de grond zit te lassen, 4 runderen op de stoep, een schoenlapper, een man met eieren, een vrouw met 3 geiten en het simkaartenhokje (omgeven met op de grond zittende mannen turend op hun mobieltje). Ronald wil graag meteen een simkaartje kopen, maar helaas zijn ze uitverkocht. We gaan rechts en passeren de kledingmaker (een houten hokje met 1 naaimachine op een gammel tafeltje) en na een tijdje zien we een vervallen gebouwtje met een grijze deur. Nergens op de pui is te bekennen dat hier sprake is van een douanekantoor.

Blog: Op de eerste etage gaan we een kamer binnen, we worden doorverwezen naar kamer 2, de twee douaniers geven aan dat de chef om 13.00 aanwezig is. Pfff…dan maar eerst op zoek naar een simkaart. Gelukt.

Blog:Terug naar de douane. De sfeer in het benauwde kantoortje is grimmig. Boven de bureaus hangt een foto van een statige man volgehangen met medailles. De lange brede douanier geeft de kleine opdracht het lichtgroene formulier in te vullen. De lange douanier staat opeens op van zijn zwartleren stoel en geeft  met een zware stem aan dat Ronald 50.000 CFA (€80) moet dokken. Gelukkig had Ronald vanochtend opgezocht dat het gratis was met kans op €5 administratiekosten. Ronald weigert dus om te betalen en de man in functie wordt onaangenaam boos. Pfff…mijn stoere Kappie blijft rustig en houdt vol. Nijdig drukt de douanier de deurbel naar de chef in. Terwijl Ronald door een deur (bekleed met doorgestikt bruin leer met ruitjes in een zeer vervallen deurpost) stapt, word ik tegen gehouden. Nee, ik mag echt niet mee naar binnen. Ik neem weer plaats naast Juul en giechelend bedenken we samen hoe Ronald binnen gefolterd wordt…de deur gaat weer open en Ronald komt schouderophalend terug. De ene douanier pakt een witstift en past het formulier aan. De andere douanier kijkt bedremmeld. Heeft hij een standje van de chef gekregen? Ronald houdt een bedrag van 2000 CFA (€3) klaar in zijn hand, want hij is niet van plan meer te geven. Terwijl hij het  formulier terug ontvangt, reikt hij het geld aan. De douanier kijkt naar het geld, haalt zijn neus op, maakt een geïrriteerde wapperende beweging en wijst naar de deur. Eenmaal op het halletje gieren we van het lachen de spanning weg, wat een corrupte zooi daarbinnen. Onderaan de trap roept Ronald in enthousiasme: ‘We hebben €80 verdiend, we gaan uit eten”.

Blog: Terug naar de havenmeester, want we willen morgen vertrekken. Wat een domper, ze vertelt dat we ook moeten UITklaren bij het politiebureau en dat het politiebureau nu gesloten is. Morgenochtend vroeg zal Ronald met de taxi naar het politiebureau gaan voor een 2e stempel in ons paspoort. Pfff…wat een gedoe.

‘S middags doe ik een handwas en maak ik de kuip zout- en saharastofvrij, eigenlijk is het onbegonnen werk, alles zit onder het bruine stof.

Eén van de twee bilgpompen is stuk. Samen pompen we de bilg droog. We hebben nog de oude waterpomp van de hydrofoor in het reservekastje. Helaas is die ook stuk, de watersportwinkel bij de havencamping verkoopt geen waterpompen. Ronald probeert vervolgens of hij de huidige pomp kan repareren. Na een paar uur sleutelen houdt hij er mee op. Ronald bestelt in Nedereland  een pomp en Charlotte is zo lief om “m mee te nemen.

We zijn al een paar keer langs een prachtig gebouw gelopen, vanavond gaan uit eten in Le Gaïnde.

13/12
De wekker gaat vroeg. We ontbijten met Pain Arabe Youssef met banaan en gesmolten kaas, best lekker. Ronald gaat met onze paspoorten naar het centrum van Dakar (half uur