De reis van de ia orana

met een zeilboot de Atlantic rond

Santa Marta here we come

We zijn onderweg naar Colombia. Vanochtend heeft de zeilmaker de genua gebracht. We besloten de genua binnen neer te leggen, want het poeierde te hard om ‘m te hijsen.

We zeilen langs de golf van Venezuela. Ik heb me voorgenomen niet te veel te denken aan de mogelijke piraterij, maar te genieten van deze korte zeiltocht van totaal 283 NM ( 524 KM). We varen met een ruime wind met 2 riffen in grootzeil en hebben 1,5 knoop stroom mee.

‘S nachts om 5.00 uur blijft Ronalds wekker in de kuip afgaan. Ik klim uit mijn slingerbedje om te kijken wat de reden is. Ronald zit achter het stuurwiel, hij heeft zich bezeerd. Er kwam plotseling een klapgijp en zijn beide voeten kwamen tussen de schoot. We wisselen van wacht. Eerst nog even een bulletalie er op, omdat het niet anders kan, dit keer halverwege de giek.

Na een uur neemt de wind zo af dat ik de motor er bij zet. Ik maak Ronald wakker om samen het rif uit de grootzeil te halen en de kotterfok te zetten. De motor kan weer uit en Ronald geeft aan dat hij vanmiddag wel een dutje gaat doen. Dus kruip ik mijn slingerbedje in en wieg heerlijk in slaap.

Bij het wisselen van de wacht neem ik een korte douche van 2 minuten, echt genieten. Gisterenavond stonden er hoge onrustige golven en heeft Ronald gekookt. Om water te sparen spoel ik de afwas voor met zout water. Buiten geniet ik van de heerlijke overtocht, wat is het toch fijn zo midden op zee. En ja hoor…daar ze weer. Een grote groep dolfijnen begroet onze ia! Dit keer zijn het kleine slanke Common Dolphins, ze blijven lang met ons meezwemmen. Ik roep Ronald, maar hij is zo moe, hij kiest er voor om door te slapen.

Ronald mailt de haven van Santa Marta wanneer we arriveren. Ze willen van alle bootpapieren, het gele boekje, ons paspoort, de verzekeringspapieren enz enz, een foto. De site van immigration werkt niet. Ronald kijkt bedenkelijk, we mogen alleen naar binnen als we de bestemming van Santa Marta op de uitklaarpapieren hebben staan, en wij hebben daar Aruba staan, maar daar zijn we niet in- en uitgeklaard. Ik voel onrust.

Mijn wacht gaat in en Ronald neemt zich voor het probleem van de charger van de lithiumbatterijen en de zonnepanelen op te lossen. Ik vraag mij af, wat maakt dat het niet kan wachten tot in de haven? De trap wordt weggehaald en Ronald gaat op onderzoek uit. Vanuit de kuip hoor ik beneden een hoop gemopper in de salon. Het lukt ‘m niet.

Er steekt een harde wind op en de 3 meter hoge golven worden alsmaar ruwer. We zijn overtuigd en de windvaan redt het niet en ook de stuurautomaat loopt uit zijn roer. Ik roep Ronald om hulp. Mogelijk uit frustratie van een combi van de uitklaarpapieren, het mislukken van het chargerprobleem en omdat de trap er niet staat, roept Ronald dat ik maar met de hand moet sturen. ‘Hallo, met deze gijpkoers, hoge golven en veel te veel zeil is dat niet te doen’. Gespannen probeer ik toch met de hand ia op koers te houden. Ik voel mij onzeker, het kost zoveel kracht om ia op iedere hoge golf weer terug te sturen. Na een half uur roep ik boos naar Ronald dat hij NU MOET komen!

Als Ronald boven in de kuip aan komt, geeft hij aan dat we inderdaad ver overtuigd zijn voor deze wind en golven. We komen samen in actie, gelukt. Ik moet mijn frustratie even kwijt en daarna is het weer gezellig in de kuip. Want nu de riffen weer in het grootzeil zitten; de kotterfok weggerold is; we een mail van de haven hebben gekregen dat we welkom zijn en Ronald de charger weer op de oude loodaccu terug heeft geplaatst kunnen we weer volop genieten van deze overtocht. Wat is ia toch een heerlijk zeilschip en hoe belangrijk is het om steeds naar elkaar uit te spreken dat we elkaar zo nodig hebben.

Bij mijn volgende wacht val ik het laatste uur in slaap. Oeps…ik zie op de digitale kaart dat we Santa Marta bijna voorbij zijn gevaren. Het laatste stuk varen we dus niet voor de wind, maar halve wind. Voor de kust neemt de wind toe en tikt af hij af en toe de 31 knopen aan. Op één oor scheren we over golven van 3 meter hoog met een dikke windkracht 7 naar het wonderschone groene kustgebergte van Colombia.

Vlak voor de haven krijgen we te horen dat we nog niet naar binnen mogen, of we buiten even willen wachten? Hihi, dat zouden ze in Nederland met deze weersomstandigheden niet durven vragen. We droppen voor de haveningang ons anker en na 3/4 uur worden we zeer vriendelijk naar box D9 begeleid. Maar…we mogen niet van boord, voordat immigration is geweest. Ook komt de elektricien om de stroom te vervangen naar 220 volt. Hihi, een verloopstekker kennen ze hier kennelijk niet.

Verschillende Nederlanders op de steiger vragen zich bezorgd of we wel een goede overtocht hebben gehad, het kan flink spoken bij de kaap. Ronald en ik kijken elkaar lachend aan, wij vonden het wel lekker gaan. Een persoon op de steiger zegt ook een beetje verbaasd dat we er wel heel erg relaxed uit zien na zo een tocht. (Hihi, we zeggen maar niet dat we in onze korte broek en Tshirt, dus zonder zeilpak en zwemvest, in de kuip een potje qwixx op anti slipmatje hebben gedaan). Na 2 uur krijgen we het sein meester, immigration vindt het niet nodig verder in actie te komen en dat de “bestemming Santa Marta’ niet op onze uitklaringsdocument staan is ook geen probleem. Alles in de haven gaat met vingerafdruk en gezichtsherkenning. Eerst maar even lekker douchen en dan het centrum in.

Wat is Santa Marta een heerlijke stad, met zijn felgekleurde panden, met overal straatmuzikanten, een supergezellig pleintje waar jong en oud met elkaar staat te keuvelen of meedeinen met de muziek. En her en der kleine karretjes waarop zij hun waar verkopen, van empanada’s tot hoedjes. Zo te zien is 95% local, de mensen zijn vriendelijk en ik voel mij hier echt veilig. We zijn van plan hier een maand te blijven, dat wordt genieten.

Verder Bericht

Vorige Bericht