De reis van de ia orana

met een zeilboot de Atlantic rond

Voor nop

We liggen nog in ons mandje en ik ben bezig met wakker worden. Ik hoor mijn Kappie zuchten. ‘Ongelooflijk, dat Azorenhoog wil maar niet verschijnen.’ De afgelopen weken start mijn stoere weerman iedere ochtend in bed met het bestuderen van de Windy-app, op zoek naar een mooi weerwindow naar de Canarische Eilanden. ‘Humm…op donderdag zijn de golven onder Portugal nog 5 meter hoog. Maar vrijdag kunnen we de overtocht naar de Canarische Eilanden wel maken, we zijn dan ongeveer 6 dagen op zee. De eerste drie dagen kunnen we dan varen met een knik in de schoot, daarna volgen er mogelijk twee windstille dagen en dan krijgen we een mooi achterlijk windje’. Nou, geen supergoed weerwindow, maar iets is beter dan niets, dus we gaan ervoor. We hebben dan wel extra diesel nodig. Nu kunnen we natuurlijk jerrycans kopen, maar eerst gaan we op zoek naar tweedehandse.

De werf aan de andere kant van de haven in Albufeira is ongeveer twintig minuten lopen. Samen gluren we bij iedere ruimte naar binnen. Jerrycans genoeg…maar het is niet duidelijk met welke viezigheid ze gevuld zijn? We wagen het er op en leggen aan de eerste beste monteur uit waar we naar op zoek zijn.  Ik wijs naar twee mooie witte lege jerrycans. De oude Portugees schudt zijn vieze zwarte wijsvinger in de lucht. ‘Nee, die kunnen jullie echt niet krijgen’. Hij wijst naar twee supergore jerrycans en Ronald ziet dat ik mijn neus ophaal voor deze zwarte vetkleppen. ‘Sorry hoor, dan koop ik liever nieuwe en wat als er iets in zit wat de diesel vervuilt?’ fluister ik.

Inmiddels is zoonlief erbij geroepen. Zijn overall, handen en gezicht zitten net als zijn vader onder de zwarte vegen. Hij krijgt de opdracht om de afgewerkte olie van de ene jerrycan in het depot verderop weg te gooien. De vader geeft ons een lief geruststellend knikje dat het goed komt. Nou…Ik heb daar zo mijn twijfels over? Maar wat doe je met zoveel vriendelijke hulpvaardigheid? Ronald mompelt zacht: ‘Even wachten Lies, we nemen ze gewoon aan, weggooien kan altijd nog, goed?’

Vader en zoon zijn er maar druk mee. De Jerrycans worden met een goedje meerdere keren schoongespoeld. Keer op keer wordt de jerrycan hoog in lucht gehouden en gluren ze omstebeurt met één oog in het gat waarna ze elkaar aankijken, hun hoofd schudden, er een nieuwe scheut van het goedje in het gat wordt gegoten en de jerrycan flink heen en weer wordt gehusseld. Vervolgens worden de stickers eraf getrokken en worden de buitenkanten geboend.

Nu moet ook Ronald van de oude baas in het gat kijken. De man kijkt Ronald verwachtingsvol aan en sputtert: ‘New?’ en begint te stralen van oor tot oor. Ronald herhaald ‘New!’ En steekt zijn duim omhoog.

Ik geef Ronald een knipoog: ‘eerlijk is eerlijk, dit had ik niet verwacht’. Ik wrijf met mijn duim over mijn vingers, het teken van geld. De man wappert met zijn hand in de lucht: ‘De jeito nenhum’. Wauwie, wat vrijgevigheid. Triomfantelijk lopen we terug. Niet zozeer omdat we geen geld kwijt zijn…maar omdat ik zo blij kan worden dat er op deze wereldbol nog zoveel mensen rondlopen die er plezier aan beleven elkaar een dienst te bewijzen.

Eenmaal op de steiger grapt de Engelse buurman die ons rond de haven heeft zien lopen: ‘Did you have a nice walk with your jerrycans?’ Haha, die Engelse humor is zo grappig. Op het achterdek boen ik de jerrycans nog even extra schoon met een sopje, waarna Ronald ze vastsjort op het voordek. ‘Kom maar op windstille zee’. Natuurlijk gaat onze voorkeur uit naar lekker zeilen. Maar met een vlak wateroppervlak kun je de dolfijnen extra goed bewonderen.

Verder Bericht

Vorige Bericht

Laat een reactie achter

© 2024 De reis van de ia orana

Thema door Anders Norén

%d bloggers liken dit: